-A A +A

Je eigen beschermengel?

Jaargang: 
12
Datum: 
21 dec. 2018
Nummer: 
21
Schrijver: 
P. Heres
ID:
2114

We kennen de verhaaltjes over een duiveltje op je ene schouder en een engeltje op je andere schouder. De een wil jou verleiden tot het kwade en de ander wil zorgen dat jij het goede doet. Een oneerbiedige en onrealistische stripfiguur-voorstelling die iets van de strijd tussen goed en kwaad moet uitbeelden. Een van de dingen die hieraan raakt is de gedachte van een persoonlijke beschermengel. Ieder mens of iedere gelovige zou een eigen beschermengel hebben die ervoor zorgt dat jou niets slechts overkomt. Hoe zit dit nou precies, kun je dat zeggen dat iedere gelovige een eigen beschermengel heeft?


Onzichtbare dingen
Daar gaan we dit artikel naar kijken. Maar eerst moeten we duidelijk hebben wat engelen nou precies zijn. Nog voor de schepping van de aarde heeft God de engelen geschapen. Ze maken deel uit van de onzichtbare dingen die God geschapen heeft, maar dat betekent niet dat ze altijd onzichtbaar zijn. Denk maar aan de engelenverschijningen in de Bijbel. Van de engelen weten we niet alles, omdat het ook niet nodig is dat we alles weten van de engelen. We kunnen niet eens met zekerheid zeggen op welke scheppingsdag ze precies geschapen zijn. Maar dát God ze geschapen heeft is zeker (zie ook Gen. 2:1), want het zijn dienstknechten van God. De engelen zijn net als de mensen afhankelijk van God de Schepper.


Afvallige engelen
Ook weten we dat een deel van de engelen afvallig is geworden, dat zijn de satan en zijn engelen. We noemen ze ook wel demonen. Deze afvallige engelen zijn de oorzaak van de voortdurende hemelse strijd tussen de goede engelen en deze afvallige engelen. Een geestelijke strijd, waar wij maar weinig van afweten. De belangrijkste dingen weten we wel: de duivel en zijn engelen hebben de strijd in de hemel verloren en zijn op de aarde geworpen (Op. 12:9). Christus heeft met zijn dood en opstanding de boze machten overwonnen (Kol. 2:15). Maar dat betekent niet dat de strijd is opgehouden, die gaat nog steeds door. Satan weet dat hij verloren heeft en nog maar weinig tijd heeft, daarom stort hij als een laatste wanhoopspoging al zijn woede uit over de kerk met de gelovigen (Op. 12:12-13). Dat is de hevigheid van de strijd die nu wordt gevoerd en daar doet een stripfiguur-voorstelling met een duiveltje en een engeltje op je schouder op geen enkele manier recht aan. Maar waarom beschermengelen nodig zouden zijn, klinkt met deze strijd in het achterhoofd toch een stuk begrijpelijker.


Boodschappers en soldaten
Engelen zijn hemelse geesten die door God gezonden worden. Daarom heten ze ook engelen, ze zijn boodschappers van God. God gebruikt de engelen om zich aan mensen te openbaren. Naast engelen worden ze ook hemelse legermachten genoemd. Als soldaten ontvangen ze bevelen van God en voeren die gehoorzaam uit. God regeert de wereld door zijn engelen. En als sterke strijders zitten ze geen moment stil. De engelen laten in hun werk ook de heerlijkheid van God zien. De engelen glanzen van de heerlijkheid van God!


Invloed van engelen op de wereldpolitiek
Een voorbeeld van deze strijd en deze heerlijkheid lezen we in Dan. 10. Daar ziet Daniël een man met een turkoois lichaam, een lichaam als van een blauwe edelsteen. Zijn gezicht ziet eruit als bliksem. Zijn ogen als vuurfakkels. Zijn armen en voeten glanzen als gepolijst koper. En als hij spreekt klinkt het niet alsof er één persoon spreekt, maar een hele menigte! In datzelfde hoofdstuk blijkt dat deze man een engel is. Hij heeft eenentwintig dagen gevochten tegen de vorst van het koninkrijk Perzie. Deze vorst zal waarschijnlijk een van de gevallen engelen zijn geweest. Daaruit blijkt dat er een verband is tussen de strijd die de engelen voeren en de wereldpolitiek. Achter de machtsverschuivingen onder de mensen zit een geestelijke strijd. Dat is iets wat we moeilijk kunnen begrijpen. Maar een voorbeeld zou de opkomst van Hitler in de Tweede Wereldoorlog kunnen zijn. Achter de verschrikkelijke dingen die hij heeft veroorzaakt en de grote schaal waarop dat gebeurde moet een boze macht zitten.


De kracht van engelen
Engelen hebben niet een lichaam zoals wij dat hebben. Het zijn hemelse geesten en ze kunnen op verschillende manieren verschijnen. Zo kunnen engelen ook zo verschijnen dat we ze voor mensen aanzien, denk bijvoorbeeld aan Abraham (Gen. 18, Hebr. 13:2). Toch is de meest voorkomende reactie op een engelenverschijning in de Bijbel: angst. Hoe vaak lezen we niet dat een engel eerst moet zeggen: vrees niet! Mensen worden doodsbang als een engel aan hen verschijnt. Soms denken ze zelfs dat ze zullen sterven omdat ze God hebben gezien (Richt. 13:22). Daardoor wordt nog duidelijker dat engelen de heerlijkheid van God laten zien. Johannes wilde zelfs een engel aanbidden en hem op die manier goddelijke eer bewijzen (Op. 22:8).
In sommige kerkgebouwen heb je op orgels afbeeldingen staan van engelen. En vaak zien die eruit als baby’ tjes met vleugeltjes. Hoe ongeschikt zijn die afbeeldingen als we erop letten hoe de Bijbel ons laat zien wat engelen zijn. Daarom mogen we ook geen verkleinwoord achter engel plaatsen en over engeltjes gaan spreken. Het is beter bij engelen te denken aan machtige strijders. Engelen zijn zó krachtig!


Nieuwsgierigheid
Als we over deze krachten van de engelen nadenken, kunnen we ook best begrijpen dat mensen engelen zijn gaan vereren. Veel dingen weten we niet van engelen, en daar zijn we niet mee tevreden. We willen uit onze nieuwsgierigheid zo gauw meer weten. Engelen zijn zo mysterieus en zo machtig. Daardoor zijn er veel voorbeelden van complete zelfbedachte theorieen over engelen. Zo ook de leer van persoonlijke beschermengelen in de Roomse kerk. Er wordt zelfs gebeden tot engelen. Zelfs Paulus moest al waarschuwen voor engelenverering (Kol. 2:18). We mogen niet anders spreken over engelen dan hoe Gods Woord daarover spreekt. En nergens lezen we in de Bijbel dat iedereen een eigen beschermengel zou hebben.


Geestelijke strijd
Er gebeurt op het geestelijke niveau veel meer dan wij door hebben. We gaan meestal gewoon naar school of naar ons werk en beseffen niet wat er om ons heen gebeurt. We horen het nieuws en zien het gewoon als de dingen die er nou eenmaal bij horen. Maar de strijd om ons heen gaat door! Ondertussen is onze tegenpartij aan het werk. De duivel gaat rond als een brullende leeuw, op zoek naar wie hij zou kunnen verslinden. En op wie heeft hij het gemunt? Op de kinderen van God! Op jou! Nee, je ongelovige klasgenoot kan redelijk veilig over straat gaan. Bij hem of haar heeft de satan toch niets meer te winnen. Maar wat de gelovigen betreft is dat anders. Zij liggen elk moment onder vuur, want de satan probeert ze van God los te trekken. De strijd met Christus heeft hij verloren, daarom vervolgt hij wat dierbaar is voor Christus: de kerk.


De macht van Satan
Satans macht is groot, hoe veel verleidingen en andere listige streken gebruikt hij wel niet. Als het aan hem ligt pakt hij alles van je af, en komt hij zelfs aan je leven. Job heeft het allemaal op die manier meegemaakt. Als zelfs de engelen al moeten strijden om de duivel en zijn engelen aan te kunnen, hoe kunnen wij dan blijven staan? Waar zijn onze beschermengelen? We hebben ze nodig!


Bescherming door engelen
Als we beseffen hoe machteloos we zelf staan in deze geestelijke strijd, dan wordt Ps. 91 voor ons geweldig mooi. Die woorden zijn op de Heere Jezus van toepassing geweest toen de duivel Hem verzocht (Math. 4:6), maar ze zijn ook van toepassing op ons:
Want Hij zal voor u Zijn engelen bevel geven dat zij u bewaren op al uw wegen. Zij zullen u op de handen dragen, zodat u uw voet aan geen steen stoot. Op de felle leeuw en de adder zult u trappen, u zult de jonge leeuw en de slang vertrappen (Ps. 91:11-13).
De macht van satan is groot, maar deze is altijd ondergeschikt en afhankelijk van de macht van God. Hoewel we een tegenpartij van satanische engelen tegenover ons hebben, mogen we op grond van Gods Woord er zeker van zijn dat er machtige engelen van God aan onze kant staan. Als God voor ons is, wie zal tegen ons zijn? (Rom. 8:31).


Math. 18:10
Er is een Bijbeltekst die vaak wordt genoemd als het gaat om persoonlijke beschermengelen:
Pas op dat u niet een van deze kleinen veracht. Want Ik zeg u dat hun engelen in de hemelen altijd het aangezicht zien van Mijn Vader, Die in de hemelen is.
De Heere Jezus heeft het hier over ‘ kleinen’, dat zijn de gelovigen die als een kind vertrouwen op hun Vader. Ze hebben misschien niet veel geloofskennis, maar ze geloven! En de Heere verzekert ook deze kleinen van Vaders bescherming. Omdat hier over ‘ hun’ engelen gesproken wordt, lezen sommigen hierin dat de kleinen allemaal een eigen engel hebben. Toch is dat niet de betekenis van deze tekst. De Heere Jezus leert ons hier dat Hij bijzondere zorg geeft aan de gelovigen die vertrouwen als een kind. Er is een bepaalde groep van engelen die speciaal zorg draagt voor deze gelovigen. Deze engelen hebben altijd direct toegang tot de Vader, zo kunnen ze zorgen dat deze ‘ kleinen’ alles krijgen wat de Vader voor ze nodig vindt.


Omringd door engelen
Beschermengelen, we hebben ze nodig. En ze worden ons ook gegeven. Natuurlijk beschermt de Vader zijn kinderen als de satan met hen strijdt. En Hij geeft niet zomaar bescherming, maar hele legioenen engelen omringen ons. Nee, we hebben geen beschermengeltje op onze schouder. Maar ons staat een complete legermacht terzijde. Al de engelen samen waken voor ons heil. Maar onze ogen moeten wel geopend worden voor de geestelijke strijd om ons heen. Dan zien we het net als de knecht van Elisa, toen de HEERE hem de ogen opende: zie, de berg was vol paarden en strijdwagens van vuur rondom Elisa (2 Kon. 6:17).
Het is goed om te beseffen dat ook het lichamelijke betrokken is bij de geestelijke strijd. Heel ons leven is erbij betrokken! Maar als we op God vertrouwen kunnen we met een veilig gevoel over straat. Dan kunnen we God bidden en danken voor deze engelenbescherming en durven we gewoon in de trein of de auto te stappen. Dan hoeven we niet bang te zijn voor wat ons kan overkomen. En weten we dat de satan geen grip op ons heeft als we in de schoolbanken zitten. Niets gebeurt buiten Gods wil om.


Als bron voor dit artikel is de Institutie van Johannes Calvijn gebruikt.